Boekrecensie:Gelukkig Hoogbegaafd

Dit redelijk recente boekje van de hand van Rineke Derksen behandelt het onderwerp hoogbegaafdheid in een notendop. Eerst legt ze kort maar krachtig uit wat hoogbegaafdheid is en passeren enkele theorieën de revu, zoals die van Mönks, Renzulli en Dabrowski. Dan bespreekt ze aan de hand van de thema’s thuis, school, plusgroep en wereld op heldere en herkenbare wijze hoe hoogbegaafdheid doorwerkt op allerlei gebieden. Hoogbegaafd ben je overal en dat heeft nogal een impact. Dat maakt de auteur, die een rijke ervaring heeft in het begeleiden van hb-kids en plusgroepen op de basisschool, ook duidelijk aan de hand van korte voorbeelden uit de praktijk.

 

 

 

 

Herkenning

In deze praktijkvoorbeelden, en in het boekje als geheel, vind je als ouder en opvoeder veel herkenning, of het nu een eerste kennismaking betreft of als je al enigszins op weg bent. Die herkenning kan soms ook pijnlijk zijn, zeker als je als ouder zelf ook hoogbegaafd bent en op je eigen schooltijd terugblikt. Dat het op basisscholen nogal eens aan begeleiding ontbreekt, komt in dit boekje duidelijk naar voren. Sommige kinderen hebben zelfs al een heel traject met hulpverleners achter de rug en moeten heel wat drempels over om opnieuw vertrouwen te kunnen geven.

Derksen beschrijft hoe verschillend hb-kids kunnen zijn en dat je als begeleider goed moet kijken en aanvoelen, ook met het oog op de hooggevoeligheid die bij deze groep vaker voorkomt. Het is leuk om te zien hoe zij per kind bepaalt welke houding en aanpak het beste werkt, ook al zitten de kinderen in een groep. 

 

Joep

Eén voorbeeld, dat ik zelf heel humorvol vond, en ook kenmerkend voor haar opstelling als plusgroepbegeleidster, is het verhaal over Joep (pag. 43-44). In het kort: Joep had hulp nodig maar weigerde om over zichzelf te praten. Over de eerste ontmoeting schrijft Derksen: ‘Ik voelde dat hij me ging uitproberen. Ik ga nooit een machtsstrijd aan met hoogbegaafde kinderen omdat dat weinig positiefs oplevert in het algemeen. Ik besloot daarom om me actief passief op te stellen, net als Joep zelf. Ik ging zitten en wachtte af. We hebben op deze manier een uur doorgebracht en Joep werd opgehaald. Toen hij de deur uitliep draaide hij zich om, gaf me een hand en zei: “Tot de volgende keer.” De eerstvolgende keer begon Joep te praten.’ Wat geweldig als je voor zo’n insteek durft te kiezen – dat je je spiegelt aan het kind en vertrouwen opbouwt in plaats van afbreekt. Zo’n begeleidster zou iedereen zich wel wensen!

 

Patronen

Al is elk hoogbegaafd kind uniek, Derksen beschrijft ook bepaalde patronen in denken en gedrag die min of meer universeel zijn, zoals onderpresteren, faalangst, perfectionisme, verminderd zelfvertrouwen, hooggevoeligheid en aanpassingsgedrag. Enkele citaten: ‘Hoogbegaafde kinderen hebben de gave om overal nieuwe vragen over te stellen’ (pag. 35). ‘ Hoogbegaafde kinderen zijn erg goed in het uitlokken van een machtsstrijd met volwassenen. Doordat ze kritisch denken, trekken ze al snel alles in twijfel en aanvaarden ze geen gezag’ (pag. 38). ‘Hoogbegaafde kinderen zijn er een ster in om tijdens een gesprek een andere wending aan een verhaal te geven’ (pag. 44). ‘Veel hoogbegaafde kinderen zijn niet meer gemotiveerd om op school te leren, simpelweg omdat ze vinden dat ze er niets leren’ (pag. 51). ‘De leerstijl van veel hoogbegaafde kinderen is top-down’ (pag 67). ‘Hoogbegaafde kinderen hebben andere vriendschapsverwachtingen dan hun leeftijdgenootjes’ (pag. 79), en toch: ‘Hoogbegaafde kinderen willen net als ieder ander kind graag samen spelen met kinderen.’

 

Pleidooi

Het belangrijkste pleidooi dat Derksen voert is wel om hoogbegaafde kinderen in contact te brengen met ontwikkelingsgelijken. Dat voorkomt of verhelpt een groot aantal problemen. Dan pas leren ze ‘leren’ en kunnen ze hun zelfbeeld en zelfvertrouwen goed ontwikkelen. Omdat hoogbegaafden een minderheid vormen, kan dat best lastig zijn. Op school kun je dit proberen te bewerkstelligen door te compacten, verrijken en versnellen. Daar schrijft Derksen vanuit haar ervaring en op basis van onderzoek zinnige dingen over, bijvoorbeeld dat je dat heel zorgvuldig moet doen en het allerlei processen in gang zet waar je je bewust van moet zijn en die je soms ook, al dan niet intensief, moet begeleiden. Daar komt best veel bij kijken.

 

Samenvattend heb ik ‘Gelukkig hoogbegaafd’ ervaren als een prettig leesbaar boekje dat veel herkenning geeft en tips biedt. Die herkenning kan opluchting geven, maar soms ook pijn. En levert vragen op als: hoe nu verder? Want het is niet vanzelfsprekend dat een hoogbegaafde ook gelukkig is of wordt, maar dat is wel het doel: dat ook zij tot hun recht komen. 

Tevens vond ik het een heldere handreiking die wellicht aanknopingspunten kan bieden tot gesprek en overleg rond de begeleiding van het hoogbegaafde kind – thuis en op de basisschool. Als je dit beknopte boekje als ouder ter hand neemt en er enthousiast over bent, zou je het aan de leerkracht of IB-er kunnen geven die nog over weinig of geen kennis rond hoogbegaafdheid beschikt en bereid is er meer over te weten te komen. Het zou weleens een eye-opener kunnen zijn. 

 

 


 

Rineke Derksen, Gelukkig hoogbegaafd, 96 blz., 248media uitgeverij, Steenwijk, 2011. ISBN 9789079603008. Prijs: € 21,95.

 

Meer informatie

Boekrecensie

Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?

"Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?"

Janneke van Oorschot.

Verhalen van zeven slimme, heel verschillende brugklassers en hun mentor.

Aan het woord is...

Richelle de Deugd

Richelle de Deugd 

eigenaar Hobega

"Hoogbegaafden kunnen zich heel erg ‘niet begrepen’ en ‘niet gezien’ voelen (zoals ze werkelijk zijn) door mensen in hun dagelijkse omgeving."

Casus

Zoon van Martin

‘Toen ik voor het eerst bij jou kwam was het alsof ik van binnen een BMW motor had maar omdat ik niet op wilde vallen, verstopte ik mezelf in een Lada carrosserie.'