Levenseinde

Een vriend-in-wording overhandigt me een krantenknipsel. We kennen elkaar nog niet zo goed, dus zegt hij alvast dat het over euthanasie gaat. Of ik dat geen te zwaar onderwerp vind, vraagt hij. Ik noem een aantal gebeurtenissen in mijn leven die raken aan het thema en werp intussen een blik op de kop van het artikel: Beter worstelen met de ouderdom dan definitief kiezen voor de dood. Dat roept al meteen ergernis op. De titel impliceert een waardebepaling (het een is beter dan het ander), een gemeenplaats (ouderdom) en bovendien “een beetje domme” opmerking, voor zover ik weet is de dood altijd definitief, de mogelijkheid van een opstanding daargelaten. Is die titel van de schrijfster of van de koppensneller?

 

Het artikel is geschreven door Esme Wiegman van de Christenunie en staat in de Volkskrant. Direct springen twee vragen naar voren. Hoe oud is zij en wat beweegt juist deze krant dit artikel te plaatsen? Wiegman is van 1975, dus zelf nog lang niet toe aan ouderdom. Maakt dat verschil? Ik denk van wel. Never judge a man until you’ve walked a mile in his shoes. Hoe weet je wat worstelen met de ouderdom betekent, als je dat niet aan den lijve hebt ondervonden? Dus zijn het vooral de ouderen zelf die daarover iets zinnigs kunnen zeggen.

 

Dat de Volkskrant dit artikel plaatst maakt mij gezond wantrouwend, hoewel het natuurlijk een bewijs van correcte journalistiek is om voor- en tegenstanders van een bepaalde beleidslijn aan het woord te laten. Bij nadere beschouwing blijkt het geen artikel, maar een ingezonden brief. In mijn beleving -ik word graag gecorrigeerd op dit punt - is de Volkskrant redelijk cynisch ten aanzien van wat ik voor het gemak maar even het behoudend christendom noem.

 

Ha, ik heb nog geen woord van het artikel zelf gelezen en mijn hoofd draait al in de hoogste versnelling. Er zijn twee subkopjes. Alweer, van wie? “Dragen uitsluiting en eenzaamheid bij aan de vraag naar euthanasie?” Dat lijkt me een open deur van jewelste. NATUURLIJK! Er is geen universitair onderzoek nodig om dat vast te stellen of te “bewijzen”. Tweede kopje: “Ook als je er zelf niet van bent overtuigd, heeft je bestaan zin.” Oh? Dat mag ik dus niet zelf bepalen? Wonderlijk! Het is zo’n vage uitspraak waar oeverloos filosofisch, theologisch of spiritueel over gediscussieerd kan worden. Iedereen en niemand heeft dan gelijk.

 

Maar het kan nog erger: het voorwoordje boven de eerste alinea. “Menselijke waardigheid moet het vertrekpunt zijn bij vragen over het levenseinde, niet het zelfbeschikkingsrecht.” Nou breekt mijn klomp. Voor zover ik weet, maar ik weet niet zoveel zeker, is het recht op zelfbeschikking een onvervreemdbaar menselijk recht. Het is een duidelijker omlijnd idee dan de menselijke waardigheid, die uiteraard subjectief beleefd wordt. Ik heb geen zin meer om de rest van het artikel te lezen. Nu al heb ik het gevoel dat mijn denken in een kader geperst wordt en mijn emoties in een keurslijf en dat mijn gedrag zal worden onderworpen aan wetten en regels ten aanzien van mijn levenseinde. Mijn hb-aard steigert dan heftig.

 

Na een langdurige ziekteperiode heb ik van mijn 57e tot ongeveer mijn 60e kunnen ervaren hoe het voelt om als een krakkemikkige tachtigjarige te moeten leven. Een tijd waarin douchen vergelijkbaar was met het beklimmen van de Mont Blanc, een wandeling naar de hoek van de straat op een heuse marathon leek en ik amper mijn eigen sokken kon aantrekken. Mijn kwaliteit van leven was drastisch ingeperkt, omdat ik mijn dagen grotendeels liggend op de bank doorbracht. Wat me gaande hield, waren mijn liefhebbende dochters, goede vrienden, de TV - zelfs een boek lezen was te vermoeiend - en de hoop op herstel. Het kwam gelukkig grotendeels goed met me. Maar wat als ik echt 80 of ouder was geweest, zonder gezin of vrienden, zonder zicht op verbetering, afhankelijk van permanente verregaande zorg en nog bij mijn volle hoogbegaafde verstand? Ik zou me werkelijk ‘dood’ vervelen en euthanasie zou een verlossing zijn. Want voor een gelovige volgt dan vereniging met God en geliefden. Kan niet beter, toch?

 


Column door Joanne Verhulst

Boekrecensie

Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?

"Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?"

Janneke van Oorschot.

Verhalen van zeven slimme, heel verschillende brugklassers en hun mentor.

Aan het woord is...

Richelle de Deugd

Richelle de Deugd 

eigenaar Hobega

"Hoogbegaafden kunnen zich heel erg ‘niet begrepen’ en ‘niet gezien’ voelen (zoals ze werkelijk zijn) door mensen in hun dagelijkse omgeving."

Casus

Zoon van Martin

‘Toen ik voor het eerst bij jou kwam was het alsof ik van binnen een BMW motor had maar omdat ik niet op wilde vallen, verstopte ik mezelf in een Lada carrosserie.'