Casus: Elina

Hoogbegaafd of niet? 

Een slimme kleuter, een kind met een ontwikkelingsvoorsprong.

De ouders van Elina zijn op zoek naar hulp. Ze hebben voor hun 3 jarige dochter al een aantal hulpverleners bezocht. Ze zijn op zoek naar hulp omdat Elina ongeremd gedrag vertoont. Bij het consultatiebureau werden opvoedingsadviezen gegeven. Omdat dit onvoldoende was werd er door de ouders van Elina gekozen om te gaan werken met videohometraining. Videohometraining is een hulpverleningsmethode waarbij video-opnamen van gezinssituaties worden besproken en is een aanknopingspunt voor verbetering van de omgangssituaties binnen de opvoeding. Hierna komen de ouders van Elina bij Stichting MEE terecht. De opvoedingsconsulent van Stichting MEE geeft advies om Elina te laten testen bij een psychologenpraktijk. Uiteindelijk wordt voor Elina speltherapie geadviseerd.

 

In de afgelopen periode kregen ouders steeds te horen: “Tja,… er is wel iets bijzonders met dit kind, maar ze is te jong om te testen…; eigenlijk wel een harmonische ontwikkeling, maar ver vooruit…”.

 

Elina is een zelfstandige ondernemende peuter. De trappen naar de spelkamer, op de derde verdieping, klimt ze zelf op. Zonder hulp natuurlijk! Want ze kan het zelf! Ondertussen stelt ze vragen zoals: “Waarom zijn er gaatjes in de traptreden? ”, “Waar is de politie die ze onderweg tegen kwamen?” en “Waarom maakt de regen dat geluid?”.

 

Voor Elina is speltherapie geadviseerd omdat ze ongeremd gedrag vertoond. Dat gedrag uit zich in beweeglijkheid en agressief gedrag. De leidsters op de peuterspeelzaal zien dat Elina een goed vermogen heeft om iets te leren en te begrijpen. Wel laat Elina onzeker gedrag zien als ze zelf denkt dat ze iets nog niet zo goed kan. Zoals het inkleuren van een tekening. Want dat wil ze heel precies tussen de lijntjes doen. Als dat niet lukt, raakt ze gefrustreerd. Elina’s moeder heeft het gevoel dat ze meer wil dan dat ze daadwerkelijk aankan. Ze bedenkt plannen, die ze fysiek (nog) niet kan uitvoeren. 

 

Als een jong kind lichamelijk en geestelijk voorloopt op de gemiddelde ontwikkeling ten opzichte van andere kinderen van zijn of haar leeftijd, wordt de term ontwikkelingsvoorsprong gehanteerd. Omdat de ontwikkeling van een jong kind sprongsgewijs verloopt, is het moeilijk een goede inschatting te maken over de uiteindelijke ontwikkeling. Daarom kan bij jonge kinderen nog niet over hoogbegaafdheid worden gesproken. Bij deze kinderen gaat de ontwikkeling meestal niet alleen sneller, maar ook anders dan bij de meeste andere kinderen. Ze hebben een goed geheugen en zijn vlot van begrip. Op jonge leeftijd kunnen ze een grote woordenschat hebben en een goede zinsopbouw. Er kan sprake zijn van een snelle motorische ontwikkeling. Maar het komt ook voor dat een kind zich motorisch wat langzamer ontwikkeld, omdat het kind een perfectionistische instelling heeft. Een kind met een ontwikkelingsvoorsprong heeft vaak een hekel aan oefenen en herhalen. Deze kinderen hebben dat meestal ook niet nodig. Andere opvallende eigenschappen van deze kinderen zijn creativiteit, originaliteit, een goed probleemoplossend vermogen, nieuwsgierigheid en leergierigheid. Meestal is er sprake van een brede belangstelling en een goede algemene ontwikkeling. 

 

De eerste keer stapt Elina al met grote nieuwsgierigheid de spelkamer binnen. Samen leggen we een speelkleed neer, zodat de speelplek duidelijk is. 


In de spelkamer staan blokken en auto’s en ik vraag haar om een stad te bouwen. Direct vertelt ze dat zij op de snelweg een politiewagen heeft gezien, die voor het stoplicht moest wachten. Zij gaat dan ook zelf een snelweg maken met blokken in verschillende kleuren en van allerlei groottes. De twee politieagenten moeten de "rommel" daarna opruimen. Eén politieman is boos. Elina zegt hierover: "Hij is heel boos, dat stopt nooit!” Ze pakt een helikopter en laat deze op de snelweg landen. De helikopter duwt dan de boze agent aan de kant. 

 

We zien hier dat Elina een concrete situatie van die morgen uitspeelt. Daarna speelt ze een eigen bedacht verhaal. Wat ook wel het “alsof spel” wordt genoemd. Met dit “alsof spel” beeldt zij haar eigen gevoelswereld uit. Tijdens het spelen vertelt ze veel en maakt ze erbij horende geluiden. 

 

Aan het einde van elk speluur doe ik een activiteit aan tafel. De eerste keer heb ik een kleurplaat voor haar. Ze kleurt heel even en zegt dan: “Kleuren vind ik niet leuk, want dat kan ik niet”. Kleien is een betere keus om als afsluiting te doen. Ze maakt een taartje en daarna een slang met veel kleuren.

 

Op vallend is het wisselende zelfvertrouwen van Elina. De potjes klei probeert zij niet eerst zelf open te maken. Zij vraagt mij direct om hulp. Zij fluistert dan: "Ik kan het niet". Uiteindelijk lukt het haar zelf, want zij blijft het steeds proberen!

 

 

De keer daarop zet ze het kasteel in elkaar volgens de “bouwtekening”. Daarna vechten de ridders om het mooie paard dat kan vliegen. Later mogen alle partijen toch in het kasteel op bezoek komen omdat ze eigenlijk wel vrienden zijn.


Vervolgens maakt ze van zand een berg. We doen dit samen met poppetjes. Ook ik krijg een rol in het spel, maar ik bedenk voor mijn poppetje wat anders. Elina wil dat mijn poppetje haar helpt, maar mijn poppetje wil in de speeltuin spelen. Een probleem dus. Als oplossing kiest Elina voor het om beurt doen. We maken eerst samen een berg, “een hele hoge” en daarna gaan de poppetjes samen van de glijbaan af.

 

In haar spel zien we wat Elina bezig houdt. Poppetjes die samen spelen, maar op een gegeven moment ruzie krijgen en toch vrienden willen zijn. Dit komt Elina in de realiteit ook tegen. Elina wordt boos als zij netjes tegen een leeftijdgenootje zegt dat ze er even langs wil, maar als dat niet het gewenste effect heeft. De ander begrijpt haar niet goed of kan niet snel genoeg reageren, Het gedrag van Elina wordt door de omgeving gezien als ongeremd en agressief gedrag. Maar Elina begrijpt er niets van. 

 

Als ondersteuning voor het leren oplossen van lastige situaties tijdens het samenspelen op school en thuis gebruiken we een speciaal voor haar geschreven verhaal. Dat gaat over een Berenfamilie met een kleine beer die soms ruzie heeft. Elke keer voeg ik een bladzijde toe met een situatie en samen bedenken we dan een oplossing voor de ruzie. Het is opvallend dat Elina bij herhaling van een zelfde situatie een andere oplossing kan bedenken.

 

Daarnaast geef ik ouders en leerkrachten het advies Elina te ondersteunen in het oplossen van situaties. De reden is dat Elina ongeremd gedrag vertoond. Om Elina even tot rust te laten komen, wordt op de peuterspeelzaal met een rode stip gewerkt. De stip geeft de plek aan waar Elina na een ruzie kan afkoelen. Zo krijgt ze duidelijk haar eigen plekje waar ze even tot rust kan komen. Ze weet en ervaart het niet als straf, het is haar eigen plek, duidelijk en veilig. Thuis maken ze gebruik van picto’s om de dag te structureren en heeft ze een zitzak om tot rust te kunnen komen.

 

Elina gaat sinds vorige week naar school. Ze heeft haar “stip” zelf een plek mogen geven in het nieuwe klaslokaal. De school wil haar steunen bij haar ontwikkeling. Ze komt nog een poosje voor speltherapie en ik hoor haar op de trap aan haar moeder vragen: ”Wat is het aller, allerlaatste cijfer?”.

 


Henriëtte de Ruijter. Speltherapeut

Email: info@speltherapiepraktijk.nl

             www.speltherapiepraktijk.nl

Meer informatie:

  • Handboek Hoogbegaafdheid. Eleanoor van Gerven (red.) 2009, van Gorcum.
  • Stichting MEE. De afdeling Jeugd & gezin van Stichting MEE helpt vragen te verduidelijken via onderzoek. MEE coördineert de netwerken integrale vroeghulp met als doel problemen vroegtijdig te signaleren en snel aan te pakken. www.mee.nl of  www.integralevroeghulp.nl

 

Boekrecensie

Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?

"Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?"

Janneke van Oorschot.

Verhalen van zeven slimme, heel verschillende brugklassers en hun mentor.

Aan het woord is...

Richelle de Deugd

Richelle de Deugd 

eigenaar Hobega

"Hoogbegaafden kunnen zich heel erg ‘niet begrepen’ en ‘niet gezien’ voelen (zoals ze werkelijk zijn) door mensen in hun dagelijkse omgeving."

Casus

Zoon van Martin

‘Toen ik voor het eerst bij jou kwam was het alsof ik van binnen een BMW motor had maar omdat ik niet op wilde vallen, verstopte ik mezelf in een Lada carrosserie.'