Aan het woord is... Judith te Boekhorst

Naam: (Mw. Drs.) Judith te Boekhorst-Reuver
Functie: Orthopedagoog / Leerplanontwikkelaar / Specialist in Gifted Education
Geboortejaar:  
1975

 

 

 

Wat doet u in het dagelijks leven?

Ik ben werkzaam als leerplanontwikkelaar bij SLO, nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling, waar onder andere het Landelijk Informatiepunt (Hoog)begaafdheid voor het Primair Onderwijs gevestigd is.

 

Wat heeft u met hoogbegaafdheid?

Ik heb door mijn werk als leerkracht basisonderwijs, onderzoeker, onderwijsadviseur, orthopedagoog en leerplanontwikkelaar lesgegeven aan groepen (hoog)begaafde leerlingen, lesmateriaal voor (hoog)begaafde leerlingen ontwikkeld, psychodiagnostisch en wetenschappelijk onderzoek verricht, ouders, leerkrachten en schoolteams geadviseerd, getraind en gecoacht. Deze ervaringen - maar vooral de kinderen en volwassenen die ik door mijn werk heb ontmoet - maken dat ik met veel plezier werk aan innovatie en ontwikkeling op het gebied van (hoog)begaafdheid.

 

Wat was uw eerste confrontatie met hoogbegaafdheid?

Tijdens mijn opleiding tot leerkracht basisonderwijs kregen we in het voorlaatste jaar één college over hoogbegaafdheid. Het verbaasde mij dat er gedurende mijn opleiding zo weinig aandacht was voor leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong, terwijl er vier jaar lang aandacht werd besteed aan kinderen met een ontwikkelings- of onderwijsachterstand. En dat terwijl beide groepen per definitie even groot zijn! Dat ene college raakte mij zozeer, dat ik besloot mij verder in het onderwerp te verdiepen en ook mijn afstudeeropdracht op dit thema te richten.

 

Wat is volgens u het meest hardnekkige vooroordeel over hoogbegaafdheid?

In de jaren 20 van de vorige eeuw begon de Amerikaan LewisTerman een langlopend onderzoek naar hoogbegaafdheid om te ontdekken op welke wijze het typisch hoogbegaafde kind verschilt van het typisch gemiddeld intelligente kind. De resultaten van zijn onderzoek vertonen een opvallend contrast met het stereotype beeld van het wonderkind, dat destijds werd afgeschilderd als een zielig schepsel, ondermaats en overserieus, bleekjes, met kromme schouders en een ingedeukte borst, onhandig, nerveus en brildragend. Natuurlijk waren (en zijn) er hoogbegaafde kinderen die enige gelijkenis vertonen met dit stereotype, maar feit is dat bijna ieder element in deze beschrijving - met uitzondering van het laatste - minder karakteristiek is voor het hoogbegaafde kind dan voor het kind met een gemiddelde intelligentie. Toch is dat stereotype beeld van toen ook nu nog het beeld dat in de media wordt geschetst als het hoogbegaafde kinderen betreft.

 

Wat is volgens u een dilemma binnen hoogbegaafdheid?

Hoewel algemene beschrijvingen van het typisch hoogbegaafde kind nuttige informatie kunnen opleveren voor bijvoorbeeld het vormgeven van het onderwijs voor (hoog)begaafden, moet niet worden gedacht dat alle (hoog)begaafden hetzelfde zijn. Wat geldt voor (hoog)begaafden als groep, hoeft niet waar te zijn voor ieder individu binnen die groep en vice versa! Het is daardoor moeilijk om keuzes te maken met betrekking tot het inrichten van het onderwijs voor individuele (hoog)begaafde kinderen. Je kunt slechts proberen - op basis van de op dat moment beschikbare informatie, ervaring en expertise - een weloverwogen keuze te maken voor deze leerling in deze situatie op dit moment.

 

Wat is volgens u het interessantste aan hoogbegaafdheid?

Het meest interessante aan hoogbegaafdheid is volgens mij het feit dat iedere (hoog)begaafde niet alleen (hoog)begaafd is, maar vooral ook uniek. De diversiteit is enorm en dat maakt het verschijnsel hoogbegaafdheid erg interessant.

 

Wat is volgens u het leukste aan hoogbegaafdheid?

In mijn werk ervaar ik telkens weer dat je de energie die je in deze groep stopt in veelvoud terug krijgt. Wanneer talenten worden (h)erkend en gestimuleerd is er zoveel mogelijk!

 

Wat is volgens u het meest onbekende aan hoogbegaafdheid?

Het tal aan mogelijkheden, dat in het verschiet ligt van individuele (hoog)begaafden waarvan de begaafdheid (nog) niet is (h)erkend. Nog te vaak weten mensen niet wat er voor hen en anderen mogelijk is en blijven teveel kansen onbenut.

 

Welk symbool/plaatje zou u geven aan hoogbegaafdheid?

Ik zou zo gauw geen symbool of plaatje kunnen bedenken, dat hoogbegaafdheid in al haar diverse verschijningsvormen zou kunnen weergeven.

 

Wat zou u op korte termijn willen doen (ongeacht haalbaarheid) voor hoogbegaafden?

In mijn werk hoop ik handreikingen te ontwikkelen, die leerkrachten basisonderwijs helpen het verrijkingsonderwijs aan (hoog)begaafde leerlingen vorm te geven.

 

Wat is uw droom/wens voor hoogbegaafden?

Mijn wens voor (hoog)begaafden is een gelukkig leven met voldoende mogelijkheden om dat te doen wat bij hen past, als (hoog)begaafde en als uniek individu.

 

Welk boek of welke film over hoogbegaafdheid kunt u ons aanbevelen?

Het prentenboek 'Superbaby' dat getekend en geschreven is door Simon James.

 

Heeft u voor ons een case / voorbeeld mbt hoogbegaafdheid dat u met ons wilt delen?

Het prentenboek 'Superbaby' verhaalt over de baby van meneer en mevrouw De Beste. Zij laten hun ongeboren baby naar verhalen, muziek en het journaal luisteren in de hoop dat hij heel slim wordt. Superbaby kan enkele dagen na zijn geboorte al de krant lezen en de auto van zijn vader repareren. Hij gaat naar school, wordt na enkele weken dokter in het ziekenhuis en kan kort daarna als astronaut de ruimte in. Als hij zijn moeder vreselijk mist, keert hij terug. Voortaan geniet Superbaby ervan om zoals alle baby's te worden verzorgd en vertroeteld, behalve op zaterdag en zondag... dan werkt hij in het ziekenhuis omdat hij dat nu eenmaal heel erg leuk vindt.

Boekrecensie

Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?

"Te slim voor de brugklas. Wat denk je zelf?"

Janneke van Oorschot.

Verhalen van zeven slimme, heel verschillende brugklassers en hun mentor.

Aan het woord is...

Richelle de Deugd

Richelle de Deugd 

eigenaar Hobega

"Hoogbegaafden kunnen zich heel erg ‘niet begrepen’ en ‘niet gezien’ voelen (zoals ze werkelijk zijn) door mensen in hun dagelijkse omgeving."

Casus

Zoon van Martin

‘Toen ik voor het eerst bij jou kwam was het alsof ik van binnen een BMW motor had maar omdat ik niet op wilde vallen, verstopte ik mezelf in een Lada carrosserie.'